HET LAATSTE NIEUWS OVER HET ENERGIE AKKOORD

In september 2013 is het Energieakkoord voor duurzame groei getekend door ruim 40 partijen in Nederland die actief zijn op het terrein van energiebesparing en duurzame energieopwekking. Energiebesparing in de gebouwde omgeving is een belangrijk onderdeel van het Energieakkoord omdat er juist daar kansen liggen om te komen tot aanzienlijke energiebesparing.
In de brief van 15 november 2013 aan de Tweede Kamer heeft minister Blok de kamer geïnformeerd over de randvoorwaarden die aan deze ambitie worden meegegeven.
Veel nadruk wordt daarin gelegd op de introductie van het (indicatief) energielabel. Interessant genoeg om dit proces op de voet te blijven volgen.

Energiebesparing belangrijk onderdeel van het Energieakkoord
In het Energieakkoord is de energiebesparing in de bebouwde omgeving een belangrijk onderdeel. Er is hiervoor een breed en samenhangend programma opgenomen gericht op voorlichting, financiële ondersteuning en ontzorging.

De acties uit het Energieakkoord zijn vooral gericht op de particuliere eigenaar-bewoner. Deze acties worden vooral door marktpartijen vormgegeven. Het Rijk draagt daaraan bij met het vaststellen van indicatieve energielabels, het Nationaal Energiebespaarfonds en het verspreiden van kennis en ervaring opgedaan in diverse programma’s en projecten zoals Blok voor Blok, Energiesprong en Gebieden Energieneutraal. Ook komen er extra middelen beschikbaar om gemeenten te ondersteunen bij hun rol om op lokaal niveau energiebesparing te stimuleren en om de eigenaren van woningen een (vereenvoudigd) energielabel te verstrekken. Het doel hiervan is het vergroten van de bewustwording van energiebesparing.

Over het algemeen is de particuliere eigenaar-bewoner zich nog niet echt bewust van de kansen die verbetering van de energieprestatie van de woning kunnen bieden voor zijn portemonnee en wooncomfort. En als hij zich daarvan wel bewust is, dan zijn de drempels om echt tot actie over te gaan hoog.
Het (indicatief) energielabel wordt zo ingericht dat het maximaal bijdraagt aan de voorlichting- en marketingcampagne van de marktpartijen. De uitdaging voor de marktpartijen is om dit goed gecoördineerd en vraaggericht te doen, zodat consumenten overzichtelijk en gericht informatie ontvangen over de mogelijkheden om te besparen op hun energierekening. Ook de ontzorging die marktpartijen de komende tijd gaan vormgeven moet hier goed bij aansluiten. De ervaring die daarbij inmiddels is opgedaan door verschillende partijen in de Blok voor Blok projecten, de Energiesprong en Gebieden Energieneutraal is naar de mening van het ministerie daar waardevol bij. In het voorjaar van 2014 zal de minister de leerervaringen van Blok voor Blok en van andere programma’s in de bestaande woningbouw samenbundelen en van een advies aan de Tweede Kamer voorzien. Het ministerie zal daarbij extra inzet plegen om de beschikbare ervaringen te delen en uit te dragen, zodat het leereffect zo groot mogelijk is.
Met het revolverend fonds zorgt het kabinet er samen met cofinanciers voor dat nieuwe financieringsmogelijkheden beschikbaar komen voor zowel eigenaar-bewoners als verhuurders die energiebesparende maatregelen willen realiseren aan hun woningen.

Stichting Nationaal Energiebespaarfonds
Het revolverend fonds voor eigenaar-bewoners: de Stichting Nationaal Energiebespaarfonds (NEF). Voor de start van het NEF zijn reeds belangrijke stappen gezet. De cofinanciers die 225 miljoen euro leveren zijn bekend: de Rabobank en de ASN Bank. Met de 75 miljoen euro rijksgeld komt er in totaal 300 miljoen euro beschikbaar voor leningen voor eigenaar-bewoners. Het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVN) is aangewezen als fondsbeheerder van het NEF.

Q&A's Nationaal Energiespaarfonds
. Zie hiervoor de veelgestelde vragen op de site.

Het energielabel
Begin 2015 krijgen de eigenaren van alle woningen in Nederland die nog geen energielabel hebben een indicatief energielabel van de Rijks-overheid. Het indicatieve energielabel wordt op meer dan alleen het bouwjaar gebaseerd. Er wordt nog onderzocht hoeveel van de straks door de woningeigenaren in te vullen woningkenmerken kunnen worden gehaald uit centraal beschikbare gegevens. Ik denk daarbij in ieder geval aan woningtype en oppervlakte. Door het slim koppelen van verschillende gegevens over de Nederlands woningvoorraad moet een betrouwbare inschatting kunnen worden gegeven van de energieprestatie van een woning. Het indicatieve energielabel is een eerste stap om woningeigenaren bewust te maken van de energieprestatie van hun woning en de kosten die ze mogelijk kunnen besparen door te investeren in energiebesparing. De marktpartijen kunnen hierop aansluiten met de voorlichting en marketingcampagne die ze voornemens zijn te ontwikkelen. De woningei-genaar heeft de mogelijkheid om de gegevens waarop het indicatief energielabel is gebaseerd, aan te passen en te actualiseren via een internetpagina van de overheid. Ook kunnen ze hier algemene adviezen vinden over mogelijk verbetermaatregelen. Desgewenst kunnen zij een formeel energielabel laten registreren op deze internetpagina

Marktpartijen spelen al in op ontwikkeling
In de markt wordt al volop gewerkt aan het inspelen op deze ontwikkeling. Een mooi voorbeeld daarvan is de site www.bespaarnu.nl/  Een initiatief van een aantal ondernemende EPA adviseurs. Over deze bèta versie waarin nog niet (alle) gegevens juist zijn verwerkt die in de database van AgentschapNL zijn opgenomen is in de EPA advies wereld al heel wat beroering ontstaan maar een kleine test in huiselijke kring maakte mij in ieder geval al duidelijk dat de nieuwsgierigheid over de conditie van woningen in de nabije omgeving.

Formeel energielabel van de woning verplicht
Bij verkoop en verhuur van een woning is registreren van het energielabel verplicht. Daarvoor moeten ze de ingevoerde gegevens door een onafhankelijk deskundige op afstand laten beoordelen. De minister gaat er van uit dat een woningeigenaar straks voor enkele tientallen euro’s aan de verplichting kan voldoen om een energielabel voor woningen te overhandigen. Na goedkeuring van de gegevens door de deskundige wordt het energielabel opgenomen in de landelijke database onder beheer van AgentschapNL. Het precieze ontwerp van het indicatieve energielabel en de internet-pagina wordt momenteel uitgewerkt. Op dit moment is de verwachting dat de woningeigenaar de volgende energetische woningkenmerken moet invullen: isolatie van vloer, dak en muren, type ramen en verwarmingsinstallaties. Op de internetpagina zullen ook globale opties tot verbetering worden genoemd op basis van de ingevulde kenmerken. De echte verleiding moet echter van de marktpartijen komen. Het indicatieve energielabel en de internetpagina worden zodanig vormgegeven dat marktpartijen daar zo optimaal mogelijk op kunnen inspelen. Het energielabel wordt een eenvoudig en toegankelijk instrument dat moet bijdragen aan bewustwording van de woonconsument over de mogelijkheden van energiebesparing. De verwachting is daarom dat makelaars, taxateurs en andere professionals rondom het verkoopproces actief zullen bijdragen zodat op het moment van transactie de verkopende partijen aan hun verplichting voldoen. Een sanctie blijft echter noodzakelijk vanuit de herziene EPBD. Een onafhankelijke deskundige controleert op afstand of de woningeigenaar de juiste gegevens heeft ingevuld. De opleiding die daarbij hoort is maximaal een dag met een kort examen. De borging van de kwaliteit moet nog worden getoetst, maar ik ga er vanuit dat alle experts die het examen voor energielabeladviseur eerder succesvol hebben doorlopen voor woningen en alle makelaars de kennis en kunde hebben om als onafhankelijke deskundige te fungeren. Het moment van versturen van het indicatief label moet goed worden afgestemd op de start van de voorlichting- en marketingcampagne uit het Energieakkoord.

De regelgeving start vanaf januari 2015
De regelgeving rondom het energielabel voor woningen wordt naar verwachting in juli 2014 gepubliceerd en gaat vanaf januari 2015 in werking. Ik acht het verstandig het indicatieve energielabel pas te versturen als deze wettelijke verplichting ingaat, dus in januari 2015. Dit creëert een maximale prikkel voor de woonconsument om naar de internetpagina te gaan, de gegevens van hun woning te actualiseren en eventueel hun energielabel te registreren. In februari 2014 heb ik nog een gesprek met de Eurocommissaris om de verder uitgewerkte plannen te toetsen. In maart 2014 wil ik u het definitieve ontwerp van het systeem rondom het energielabel voorleggen.

Gemeentelijke ondersteuning
Gemeenten en provincies ondernemen al diverse activiteiten om energiebesparing in de gebouwde omgeving te stimuleren. Om een gerichte impuls te geven aan energiebesparing en duurzame energieopwekking als onderdeel en medevliegwiel van de energieke samenleving is echter iets extra’s nodig. Om de energieke samenleving waarin burgers en bedrijven zelf initiatieven nemen te ondersteunen is in het Energieakkoord afgesproken dat er in de periode 2014–2016 15 miljoen euro beschikbaar is voor een ondersteuningsstructuur voor en in gemeenten en op regionaal niveau. Het voortouw voor het uitwerken van deze ondersteu-ningsstructuur ligt bij de VNG. De VNG heeft, om te komen tot een plan van aanpak, een bouwteam en een bestuurlijke stuurgroep ingericht, die diverse gesprekken voeren met gemeenten, partijen uit de energieke samenleving, kennisinstellingen en medeondertekenaars van het Energieakkoord over de meest doelmatige en efficiënte wijze van inzet van de middelen. Eind 2013 maken het Rijk en de VNG hierover nadere afspraken.

Tweede vergadering commissie Borging Energieakkoord
5 februari 2014
Partijen uit het Energieakkoord werken samen hard aan uitvoering van de maatregelen die zij vorig jaar met elkaar afspraken. Dit bleek tijdens de vergadering van de commissie Borging Energieakkoord op 4 februari. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), Land en Tuinbouw Organisatie Nederland (LTO), Bouwend Nederland en Binnenlandse Zaken gaven tijdens de vergadering presentaties over de voortgang van diverse maatregelen. Naast deze presentaties werd ook een toelichting gegeven op de pilot intersectorale scholing.

Resultaten
Voorzitter Ed Nijpels wijst op een aantal belangrijke resultaten die de laatste week bekend zijn geworden. Een daarvan is dat de financiering van het windmolenpark Typhoon in de Noordzee rond is gekomen. Volgend jaar wordt begonnen met de bouw van 150 windmolens ten noorden van Schiermonnikoog. Verder verwacht hij dat voor de zomer alle provincies de locaties voor windmolenparken op land kenbaar kunnen maken.

Werk in uitvoering
Kees Jan de Vet van de VNG gaf een toelichting op het strategisch VNG-programma Energie. Dit programma zal gemeenten ondersteunen bij het nemen van maatregelen voor lokale en regionale energiebesparing en opwekking in de gebouwde omgeving. De ondersteuning bestaat onder andere uit het maken van prestatieafspraken met woningcoöperaties en de verduurzaming van maatschappelijk vastgoed.
Joep Rats van Bouwend Nederland gaf een presentatie over initiatieven om energiebesparing in de koopsector te bevorderen. Het gaat dan onder meer om een revolverend fonds voor goedkope leningen, extra hypotheekruimte voor energiezuinige renovaties en een indicatief energielabel. De Groene Zaak bood na afloop van de presentatie aan om mee te denken over de extra mogelijkheden die nieuwe marktmodellen bieden voor de realisatie van energiebesparing in koopwoningen. Aedes en de Woonbond pleitten voor aandacht aan de vraagkant van de markt en de kansen voor energiebesparing bij huurwoningen.
Een van de pijlers van het energieakkoord richt zich op het wegnemen van financieringsknelpunten voor duurzame energieprojecten. Itske Lulof van de NVB lichte toe hoe banken, verzekeraars en pensioenfondsen samen deze knelpunten willen wegnemen. Ook zoeken zij naar samenwerkingsvormen om de energiecoöperaties te financieren. Vanuit IPO volgde het aanbod om in overleg te kijken hoe provinciale fondsen kunnen bijdragen aan de financiering van duurzame energie.

Monitoren van de effecten
Ton van Dril van ECN informeerde de vergadering over de Nationale Energie Verkenning (NEV) die met ingang van 2014 jaarlijks wordt uitgebracht. Met het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Planbureau voor de Leefomgeving brengt ECN in de NEV de effecten van energiebeleid in kaart en levert men prognoses van ontwikkelingen in de komende jaren. Deze informatie is belangrijk om de effecten van het energieakkoord goed te kunnen volgen. Daarnaast ontwikkelt de Borgingscommissie een instrument om de uitvoering van afspraken en de bereikte resultaten goed te kunnen volgen.

Elkaar verder helpen
De presentaties kregen veel bijval van de vergadering. Bovendien bleek er een grote bereidheid te zijn tot samenwerking. Partijen boden elkaar hulp, kennis en advies aan om knelpunten op te lossen of een betere doorwerking van maatregelen te realiseren. Daarnaast wezen partijen elkaar op het belang van een kritische houding bij een goede samenwerking.
Partijen zijn zich ervan bewust dat effectieve implementatie van 175 afspraken mogelijk moet zijn door focus op de gezamenlijke doelen, effectieve samenwerking, goed toebedelen van verantwoordelijkheden en het objectiveren van de voortgang

Ga voor het volledige verslag van de vergadering naar;
Verslagen vergaderingen Borgingscommissie Energieakkoord | SER

De afspraken gestart meter
Op de website van de SER houdt de commissie die de uitvoering van het Energieakkoord bewaakt, de z.g. Borgingscommissie, geïnteresseerden op de hoogte over de voortgang die gemaakt wordt. Hiervoor is een speciaal dashboard ontwikkeld. Het dashboard is een grafische weergave van de globale voortgang.
Ed Nijpels de voorzitter van deze commissie zegt daarover : “De implementatie van het Energieakkoord komt op stoom. Ons overlegsysteem werpt vruchten af en de uitvoering is continu te volgen op de website. We zitten nu in de fase dat de randvoorwaarden gereed zijn (of binnenkort gereed komen) die voor een stroomversnelling moeten zorgen. Met elkaar zullen we voortdurend alert moeten blijven op de voortgang.”
Op het dashboard staat een meter die de afspraken-gestart-meter heet. In de afspraken-gestart-meter is te zien hoeveel en welke afspraken van het Energieakkoord inmiddels worden uitgevoerd. In de wijzers is dit per implementatiedomein te zien.
Het Energieakkoord voor duurzame groei bestaat uit 159 afspraken en maatregelen die zijn verdeeld over 15 implementatiedomeinen (= hoofdthema’s).

Status eind juni
Van de 159 gemaakte afspraken zijn er eind juni 139 opgenomen in het dashboard. Al deze afspraken zijn gestart.
Een afspraak wordt in de afspraken-gestart-meter als gestart beschouwd als aan drie criteria is voldaan:
1. de naam van de trekker van de desbetreffende afspraak is bekend
2. er is een uitvoeringsteam samengesteld
3. er zijn processtappen ingevuld om te komen tot de beoogde resultaten

Als een afspraak is gestart krijgt deze in het dashboard de kleur groen.
Ongeveer 20 afspraken zijn nog niet opgenomen in het dashboard. De redenen kunnen variëren. Over sommige afspraken vindt nog voorbereidend overleg plaats. In een enkele situatie is de trekker pas net bekend. Als een afspraak is aangeboden in het dashboard en is goedgekeurd verspringt de wijzer naar groen.
De afspraken-gestart-meter zal worden aangevuld met de resultaatmeter en de effectmeter. Die zijn momenteel nog in ontwikkeling en zullen later dit jaar op deze pagina verschijnen. De afspraken worden door organisaties vertaald naar resultaten (kaders en randvoorwaarden). Dit biedt zekerheid aan burgers en bedrijven om te investeren in energiebesparing en/of nieuwe energiesystemen. Wat vervolgens tot uiting komt in de effecten en de mate van realisatie van de doelen.

Meer weten over de inhoud van het Energieakkoord in relatie tot je woning? Ga naar http://warmevoeten.nl/het-laatste-nieuws/
Zelf kijken naar de voortgang op het dashboard ga dan naar http://afsprakengestart.energieakkoordser.nl/

1 thought on “HET LAATSTE NIEUWS OVER HET ENERGIE AKKOORD

  1. Pingback: Volg het Energieakkoord op de afspraken-gestart-meter | 't Went Ventures

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.